De Trekvaartzone in Kampen is de beste openbare ruimte van Nederland. Dat is gisteren bekendgemaakt op het Landelijk Congres Openbare ruimte in de Schouwburg Rotterdam. De andere genomineerden voor de Stedelijk Interieur Award Beste Openbare Ruimte waren de Groene Loper op de Technische Universiteit in Eindhoven (TU/e) en De Vijfhoek/Fietsparkeergarage Strawinskylaan in Amsterdam.

Juryvoorzitter Annemieke Fontein, hoofd landschapsarchitectuur van de gemeente Rotterdam: ‘De Trekvaartzone is middels een geweldig proces met toekomstige bewoners tot stand gekomen en excelleert verder in ambachtelijkheid. Dit tezamen heeft gezorgd voor een prachtige openbare ruimte dat zich volgens natuurlijke patronen door het landschap baant.’

In de Trekvaartzone, gelegen tussen een landbouwgebied en de stad, staan natuurontwikkeling en recreatief gebruik voorop. Voorheen werd een wandeling door het gebied verhinderd door de relatief slechte toegankelijkheid van het terrein. Met het nieuwe ontwerp is het mogelijk gemaakt een ommetje te maken langs de verschillende kenmerken van het gebied, en kunnen kinderen er nu volop spelen. De jury beoordeelt de trekvaartzone in Kampen als een plan wat er in eerste instantie niet direct uitspringt, maar wel zeer doordacht en sympathiek is mede omdat het de aanwezige natuurwaarde versterkt.  Er is volgens de jury goed gebruikgemaakt van de bestaande natuur: ‘Het is een ambachtelijk en tegelijk functioneel ontwerp. De vormgeving is natuurlijk en terughoudend. Met bescheiden middelen wordt maximaal effect bereikt. Er is met veel zorgvuldigheid een gebied gecreëerd waar voor elke doelgroep wat te doen is en het water een plek wordt om te verblijven en actief te gebruiken.’

Feiten en cijfers Trekvaartzone Kampen

  1. Ontwerp: TLU landschapsarchitecten
  2. Soort openbare ruimte: Bovenwijkse groenvoorziening, stedelijk uitloopgebied
  3. Omvang: 6.5 hectare
  4. Oplevering: 2019
  5. Eigendom: Gemeente Kampen
  6. Uitvoering: Gemeente Kampen met diverse aannemers
  7. Inrichting: Gemeente Kampen met diverse aannemers, speeltoestellen-leveranciers en brug- en vlonderleveranciers
  8. Beheer: gemeente Kampen
  9. Kosten aanleg: 400.000 euro
  10. Beheerbudget: onbekend

29 inzendingen
De jury selecteerde de 3 genomineerde openbare ruimtes dit voorjaar uit in totaal 29 inzendingen. Na een publieke ondervraging tijdens plenaire pitches op het congres door de finalisten, wezen 165 bezoekers van het Landelijk Congres Openbare Ruimte de Trekvaartzone in Kampen als uiteindelijke winnaar aan.

De andere genomineerden voor de award waren de Groene Loper van de Technische Universiteit in Eindhoven en de Trekvaartzone in Kampen. De vakjury gaf aan dat de genomineerden zeer aan elkaar gewaagd waren en op punten als complexiteit van de opgave en de uitwerking ervan zeer verfijnd zijn. De jury beoordeelde de inzendingen op basis van een drietal criteria ‘functionaliteit’, ‘robuustheid’ en ‘esthetiek’.

Over de twee andere finalisten oordeelt de jury:

Vijfhoek/Fietsparkeergarage Strawinskylaan, Amsterdam
De combinatie van het parkje De Vijfhoek en de eronder gelegen fietsparkeergarage Strawinskylaan, tussen de Zuid-as en de kop van de Minervalaan, vormt een belangrijke kwaliteitsimpuls in de openbare ruimte. Het plan wekt positieve reacties op bij de juryleden en ze was zeer te spreken over de sterk aanwezige burgerparticipatie in dit plan: ‘Mede door het betrekken van omwonenden is de oplossing bedacht de fietsenstalling onder De Vijfhoek te plaatsen waardoor beide onderdelen uitstekend langs elkaar heen eigen functie kunnen uitoefenen’. De jury prijst het ontwerp op functionaliteit, ondanks de hoge complexiteit van het plan. Verassend vond de jury de schakeling die is gemaakt tussen de tamelijk anonieme Zuidas en de woonwijk aangrenzend aan de Vijfhoek, met veel aandacht voor gebruiksmogelijkheden voor omwonenden, werkenden en kinderen. Als laatste is de jury enthousiast over de groenrand in het park, waar je als gebruiker kunt zitten. ‘Er zijn fijne plekken gecreëerd waar mensen elkaar kunnen ontmoeten’, aldus de jury.

Groene Loper, Technische Universiteit Eindhoven
De Groene Loper is een onderdeel in de visie op het toekomstige imago van de campus van de TU/e. MTD landschapsarchitecten is gevraagd om voor de compacte campus een herinrichtingsplan op te stellen, waarvan de Groene Loper een belangrijke structuurdrager is geworden. Dit gebied moet gaan fungeren als een ‘scenic walk’, waar langzaam verkeer elkaar ontmoet. Het plan wekte enthousiasme bij de jury op het gebied van alle drie de criteria. De jury spreekt lovende woorden over het project: ‘Het is knap werk om in zo’n compacte ruimte sense of place en intimiteit te verwezenlijken, maar dat is gelukt’. De jury is unaniem over de esthetische kwaliteit van het ontwerp die past bij de esthetiek van de gebouwde omgeving en zich daarmee onderscheidt. Er is veel aandacht voor het maken van een verblijfsklimaat met goede zitgelegenheden. ‘Juist in een anonieme universiteitsomgeving nodigt de inrichting uit tot ontmoeting en gesprekken’, aldus de jury.

Vakjury
De vakjury van de Stedelijk Interieur Award Beste Openbare Ruimte bestaat uit een zestal professionals die elk op hun eigen gebied gespecialiseerd zijn en daarmee vanuit een eigen invalshoek en achtergrond naar de aanmeldingen hebben gekeken. De jury bestaat uit: Annemieke Fontein (hoofd landschapsarchitectuur bij gemeente Rotterdam, voorzitter) Annette Duivenvoorden (projectleider bij Platform 31); Ben Kuipers (landschapsarchitect en voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Tuin- en Landschapsarchitectuur); Hans Karssenberg (directeur-oprichter STIPO); Peter de Bois (architect en stedenbouwkundige, Office4UrbanreSearch) en Peter de Visser (hoofd stadsbeheer gemeente Zoetermeer).

De Stedelijk Interieur Award Beste Openbare Ruimte wordt al jaren uitgereikt. Openbare ruimtes die in voorgaande jaren de Award Beste Openbare Ruimte wonnen zijn: titel wonnen, zijn de Binnenrotte in Rotterdam (2018), de Groene Loper in Breda (2017), Kerckebosch in Zeist (2016), het Kustwerk in Katwijk (2015), het Erasmuspark Rotterdam (2014) en het Wilhelminaplein Leeuwarden (2013).

De wedstrijd Groene Buurt Kampioen in Alkmaar is weer gestart. Voor de wedstrijd zoeken de initiatiefnemers ideeën voor het vergroenen van buurten en dorpen. Inwoners kunnen hun groenidee indienen en meedoen aan de wedstrijd. De beste ideeën onder het motto ‘Stenen eruit, groen erin!’, winnen en worden ook echt uitgevoerd.

Voor de derde keer organiseert de gemeente Alkmaar de wedstrijd ‘Groene Buurt Kampioen’. Iedereen met een leuk idee, kan meedoen om een plek met verharding om te vormen naar groen. Dit geeft een groene impuls aan straten en buurten. Denk bijvoorbeeld aan het samen aanleggen van geveltuinen, het vergroenen van een pleintje of boomspiegels in de straat beplanten. Wie meedoet, maakt kans om Groene Buurt Kampioen van Alkmaar te worden en wint daarmee uitvoering van het groene idee.

Steenbreek
Gemeente Alkmaar, aangesloten bij Stichting Steenbreek, werkt aan groene buurten in stad en dorp. Groen is aantrekkelijk, goed voor onze gezondheid, voor de biodiversiteit (planten en dieren) en biedt ruimte voor ontmoeten. Groene ruimte werkt ook positief om de effecten van de huidige klimaatverandering op te vangen. Regenwater zakt niet weg in verharding, maar kan wel in groenvakken in de bodem zakken. De afgelopen maand bleek opnieuw hoe belangrijk dat is door de vele regenbuien. Het benutten van kansen voor het vergroenen van buurten is zeer waardevol.

Hoop op mooie ideeën
“Groen in de stad is zo belangrijk voor ons klimaat en de leefbaarheid in de wijken. Ik heb vorig jaar mooie ideeën voorbij zien komen en hoop hier bij deze derde editie van de Groene Buurt Kampioen ook weer op. Dit is een unieke kans om met elkaar aan de slag te gaan!. De winnende ideeën worden daadwerkelijk uitgevoerd”

Wethouder Groen Christian Braak

Een groen idee indienen kan nog tot uiterlijk 25 juli. Daarna worden de ingediende ideeën beoordeeld. Na de zomervakantie, in september, wordt de Groene Buurtkampioenen bekendgemaakt. In overleg met de winnaars worden hun ideeën dan vanaf 28 september (Nationale Burendag) uitgevoerd. Vul het wedstrijdformulier in om mee te doen. Het formulier is te vinden op www.Alkmaar.nl.

In Nederland is de gemiddelde perceeloppervlakte van tussenwoningen met 29,7% gedaald in de afgelopen decennia. De woonoppervlakte is juist is gestegen met 21,1%. Er is dus steeds meer woonruimte op minder grond. Dit blijkt uit onderzoek van Regiocontainer.nl, dat data van 5.000 tussenwoningen op grote vastgoedplatformen voor consumenten analyseerde.

De gemiddelde woonoppervlakte van een tussenwoning stijgt ieder decennium met 3,5%. Sinds de jaren ‘50 is de woonoppervlakte met 21,1% gestegen. In de zeventiger jaren werden vooral veel grotere woningen gebouwd: de woonoppervlakte was 11,3% groter dan in een decennium eerder. Tussenwoningen die gebouwd zijn sinds 2010 zijn juist weer 7% kleiner dan woningen met een bouwjaar tussen 2000 en 2009.

Perceeloppervlakte daalt fors
Sinds 1950 is de gemiddelde perceeloppervlakte constant aan het dalen. Waar de gemiddelde perceeloppervlakte in de jaren ‘50 nog 187,3m² was, is dit in 2010 tot en met 2019 nog gemiddeld 131,7m². In de jaren ‘60 werd het roer vooral flink omgegooid: percelen waren toen 11,3% kleiner dan in de vijftiger jaren. Ook in het huidige decennium is de oppervlakte van een gemiddeld perceel van een tussenwoning flink gedaald ten opzichte van het vorige decennium; 7,4%. Gemiddeld daalt de perceeloppervlakte van een tussenwoning met 5,6% per decennium.

Huizen groter, tuinen steeds kleiner
Om een indicatie te geven van de hoeveelheid perceeloppervlakte die wordt gebruikt voor woonruimte, is het woon/perceel-ratio berekend. In de jaren ‘50 was nog 53,1% van het perceel bestemd voor wonen. In het huidige decennium is dit gestegen naar liefst 91,4%. Sinds de jaren ‘50 steeg de woon/perceel-ratio ieder decennium met gemiddeld 10%. Doordat de woonoppervlakte is gestegen, is er weinig ruimte op het perceel voor een tuin. Tuinen zijn hierdoor relatief gezien steeds kleiner geworden.

Meer informatie over dit onderzoek, leest u hier.

Rotterdam heeft in 2030 een duurzame, groene en gezonde openbare ruimte die bijdraagt aan een prettig leefklimaat voor bewoners, bezoekers en ondernemers. Met dat doel heeft het college de Visie Openbare Ruimte 2019-2029 vastgesteld.

In het najaar van 2019 kunnen Rotterdammers onder andere via het Stadspanel hun mening geven over de visie en de inrichting van de openbare ruimte. Dit meldt de gemeente op haar site.

Steeds meer druk op buitenruimte
De druk op de buitenruimte is hoog. In de komende 20 jaar groeit Rotterdam waarschijnlijk uit tot een stad van 700.000 inwoners; ruim 60.000 meer dan in 2018. Deze stijging leidt tot een grotere behoefte aan woningen (50.000 woningen tot 2040) en een grotere behoefte aan ruimte voor bedrijven, voorzieningen en het wegennet.

Meer bewoners, bezoekers en werknemers betekent ook een grotere behoefte aan groen. Daarom wil het college tot 2022 twintig hectare groen toevoegen aan de stad. Investeren in groene en levendige rivieroevers en zich inzetten voor het Deltaplan Water, onder andere door te investeren in extra waterbuffers. De Visie Openbare Ruimte is bedoeld als leidraad voor de keuzes die de stad de komende jaren moet maken in de openbare ruimte. De visie is de eerste stap richting de nieuwe omgevingsvisie en omgevingswet.

‘Onze stad kan alleen gezond groeien als we blijvend investeren in het aantrekkelijker, groener en gezonder maken van de openbare ruimte die veilig is voor iedereen.’

Bert Wijbenga, wethouder Buitenruimte

Geld
Voor het creëren en behouden van een duurzame en gezonde openbare ruimte is veel geld nodig, terwijl de afgelopen jaren de budgetten voor inrichting en beheer van de openbare ruimte zijn teruggelopen. Door waar mogelijk budgetten, programma’s en projecten slim te combineren en het aanboren van nieuwe financieringsbronnen, wil Rotterdam de openbare ruimte in de komende tien jaar een forse impuls geven. Eind 2019 moet er een uitvoeringsstrategie liggen waarin staat welke projecten in de openbare ruimte prioriteit krijgen en welke financiering daarbij kansrijk is.

Meer parken
Er moeten meer parken komen in gebieden met weinig groen, vertelt de visie. Ook belangrijk is het leggen van groene verbindingen, het groener maken van bedrijventerreinen en het vergroenen van daken en gevels. De openbare ruimte moet verder voor iedereen goed toegankelijk zijn, ook voor ouderen of mensen met een beperking. Daarnaast moet er in de binnenstad en in de woonwijken meer ruimte komen voor fietsers en voetgangers. Verder is het van groot belang dat er ruimte blijft voor experimenten als Happy Streets en Park(ing) Day, waarbij parkeerplaatsen tijdelijk veranderen in publieksvriendelijke parkjes.

In de visie komt ook de mening van de Rotterdammer terug. Er is onder andere gebruik gemaakt van input van uit de Omnibusenquête van de gemeente en van input afkomstig uit Het Gesprek met de Stad (2017). Groen en duurzaamheid staan in de top drie van thema’s waarin de stad volgens inwoners moet investeren. Bij het maken van de uitvoeringsstrategie, met daarin concrete keuzes voor de openbare ruimte, wil de gemeente na de zomer opnieuw input ophalen uit de stad.

Visie Openbare Ruimte 2019-2029 Rotterdam

Lang niet iedereen heeft een (voor)tuin. Door een smal strookje tegels voor je huis weg te halen, kun je toch een minituintje maken. Ziet er leuk uit én is goed voor het klimaat.

Dit meldt de gemeente Haarlem op haar site.

Alle kleine beetjes helpen, ook als het gaat om het klimaatbestendig(er) maken van Haarlem. Neem nou het fenomeen geveltuintjes. Als je een smalle strook tegels vervangt door groen, kan regenwater makkelijker wegstromen in de bodem. Ook zorgt het groen voor verkoeling tijdens een warme zomer. En tot slot is de begroeiing goed voor bijen en insecten. De oppervlakte van een enkel geveltuintje is misschien klein, maar bij elkaar leveren de minituintjes een mooie bijdrage aan een groener Haarlem.

‘Groen is belangrijk’
Irma Daalmeijer, een Mug in hart en nieren, was meteen enthousiast toen ze hoorde over de mogelijkheid om een geveltuintje te laten aanleggen. “Ik ben grootgebracht met natuur en groen. We hadden thuis alleen maar een balkon, maar dat stond wel vol met bloemen en planten. Ik heb nu zelf een huis met een achtertuin, dat vind ik heerlijk. Maar in onze versteende stad is elk beetje groen welkom, toch?”

Inspirerend
De overbuurvrouw van Irma zag het ook direct zitten: als ze allebei een geveltuintje zouden maken, konden ze van het uitzicht op elkaars tuintje genieten! Irma: “Spaarnelanden heeft ons geholpen bij de aanleg, maar je kunt het natuurlijk ook gewoon zelf doen.” Irma heeft haar geveltuintje nu ongeveer twee maanden. Het strookje moet nog wat meer ‘volgroeien’. “Stiekem droom ik van een straat als de Korte Houtstraat,” lacht ze. “Wat een feest om daar doorheen te lopen. In mijn straat is dat niet haalbaar, maar ik vind het wel heel inspirerend.”

Meteen effect
Heeft Irma nog tips voor andere Haarlemmers die ook wel een geveltuintje willen? “Kijk of je je buren mee kunt krijgen. Als je met elkaar optrekt, kun je het tuinieren samen aanpakken, en zie je ook meteen effect in je straat.” En wat als je buren nou niet meteen staan te springen, vanwege het verlies van ruimte? Irma: “Natuurlijk moet je de stoep nog wel kunnen gebruiken. Als je in een smalle straat woont, waar ook fietsen en bakfietsen op de stoep staan, is dat toch al een ding. Daarom mag een geveltuintje ook niet te breed zijn. Zo is het verlies van ruimte minimaal.” Irma hoopt dat steeds meer mensen enthousiast zullen worden als ze het resultaat om zich heen gaan zien. “Ik hoor nu al leuke opmerkingen van mensen die langslopen. Ouders die even met hun kind blijven staan om te kijken naar de insecten. Ook dáár doe je het voor!”

Spelregels geveltuintje
Om hinder en gevaarlijke situaties te voorkomen, zijn er een paar spelregels voor het aanleggen van een geveltuintje:
– Het geveltuintje moet direct aan de woning grenzen en mag maximaal 60 cm breed zijn.
– Er moet genoeg ruimte overblijven voor andere gebruikers van de stoep.
– Het tuintje moet een opstaand randje hebben om te voorkomen dat het trottoir verzakt.
– Als bewoner ben je zelf verantwoordelijk voor het onderhoud van het tuintje en zorg je ervoor dat andere bewoners geen overlast ondervinden.

Lees alle voorwaarden op www.haarlem.nl/geveltuintjes.

Nijmegen-West, ofwel Ulpia Noviomagus is de oudste en grootste Romeinse stad van Nederland. Er woonden in de tweede eeuw zo’n 5.000 à 7.000 mensen, Bataven en Romeinen. Op het Maasplein is deze geschiedenis nu op een unieke manier zichtbaar gemaakt, met groen dat de Romeinen naar Nijmegen brachten. De gemeente en bewoners hebben nagedacht over een groene invulling van het stenige plein. Met resultaat: het plein is nu een levende, groene getuige van de geschiedenis. Hiermee past het perfect bij de campagne Operatie Steenbreek van De Bastei: Stenen eruit, GROEN erin!

Op vrijdagavond 14 juni om 19 uur openen wethouder Bert Velthuis en ambassadeur van Operatie Steenbreek, Margot Ribberink het vernieuwde Maasplein.

Nijmegen-West ís geschiedenis
Net ten zuiden van de Waal liggen de resten van monumentale gebouwen zoals de openbare thermen. En rond de stad lagen uitgestrekte grafvelden. Wie in Nijmegen-West woont, lééft op geschiedenis. Naast de plek waar nu het Maasplein ligt, stonden 1900 jaar geleden twee Romeinse tempels. De omtrekken van de tempels zijn zichtbaar op de stoepen en straten door het gebruik van een andere kleur steen. Op het Maasplein zelf was de omtrek van een luxe huis te zien. Het steen en het asfalt is op het Maasplein vervangen door groen: een oppervlakte van 2100 m2 is getransformeerd in een groene oase. Omgerekend naar stoeptegels, praten we over maar liefst 23.000 tegels die zijn ingeruild voor groen. Een prachtige aanvulling op de campagne Operatie Steenbreek. De teller staat nu, voor dit jaar, al op ruim 73.000 tegels.

Romeinse planten
Op het groene Maasplein staan planten waarmee de Romeinen tweeduizend jaar geleden hun tuinen versierden zoals rozen, hazelaar en moerbei. Ook de kastanje is door de Romeinen naar Nederland gebracht. Het plein ademt dus de Romeinse historie, maar is ook een groene ontmoetingsplek en een plaats waar kinderen met elkaar kunnen spelen. Voor De Bastei, die de campagne Operatie Steenbreek Nijmegen voert, is dit een uniek voorbeeld van hoe groen en historie elkaar kunnen versterken.

Stenen eruit, groen erin!
Met het Maasplein is er weer een stenen plein in Nijmegen groener gemaakt. Een groene stad is belangrijk om hitte tegen te gaan en regenwater beter weg te laten lopen. Ook is een groene omgeving beter voor het welzijn van mensen én prettig voor vogels en vlinders. Op vrijdagavond 14 juni openen Wethouder Bert Velthuis en Margot Ribberink, ambassadeur van Operatie Steenbreek, het plein. Het campagneteam van Operatie Steenbreek deelt plantjes uit (op = op). De opening begint om 19.00 uur en duurt tot ongeveer 20.00 uur.

Met een bierfiets ging de jury op 6 juni door Velp-zuid langs de vijf tuinen om alle ontworpen Steenbreektuinen te beoordelen. Jelle van Haren de ontwerper en uitvoerder van de voortuin Graaf Hendrikstraat 19 trok aan het langste eind. Wethouder Doris Klomberg, tevens jurylid, van de gemeente Rheden overhandigde Jelle de prijs en de felicitaties.

In september 2018 werden vijf hoveniersstudenten van de groene mbo-opleiding Aeres MBO Velp gekoppeld aan bewoners met veel steen in hun tuin. Zij maakten een ontwerp in overleg met de bewoner. Op 6 juni was de prijsuitreiking. Het ging om een tiende van punten bij de tuin van Jelle en Roel. Roel Klein Hesselink had drie voortuinen (Johan de Wittstraat 8, 10 en 12) kundig aan elkaar verbonden en op zo’n manier dat de bewoners goed kunnen overleggen over het onderhoud.  Jelle had mooie beplanting, een natuurlijke pergola en bijna geen steen meer in de tuin liggen. Vooral dat laatste gaf de doorslag.

“Ik buurt mee” – keet van Gemeente Rheden
Bewoners van de gehele gemeente Rheden kunnen een aanvraag indienen om aan het project mee te doen. Bewoners dienen zelf de stenen uit hun tuin te halen en de gemeente voert ze af. In ruil daarvoor krijgen zij gratis planten en goede grond om hun tuin te vergroenen. In april en mei stond de keet in de wijk en konden de bewoners heel veel informatie krijgen bijvoorbeeld over de keuzes die men kan maken wat betreft plantensoorten, ideeën om een tuin of oprit aan te pakken. Het gebruik van infiltratiebuizen en het creëren van een groen dak. Er waren folders, flyers, zakjes met zaden beschikbaar en een medewerker informeerde de belangstellenden over alle opties.

Operatie Steenbreek
Het project in Velp komt voort uit de wijkschouw in 2017.  Daarbij hebben buurtbewoners allerlei ruimtelijke verbeterpunten verzameld. Verwilderde en versteende tuinen werden daarbij veel genoemd. Gemeente Rheden heeft als doel gesteld dat de wijk Velp-Zuid groener, meer klimaatbestendig wordt en dat het algemeen beeld van de wijk aantrekkelijker gaat ogen. Naar alle waarschijnlijkheid gaat er volgend jaar weer een ontwerpwedstrijd gehouden worden maar dan in een andere wijk van de gemeente Rheden.

Zes vierkante meter inheems microbos aanleggen in je eigen tuin? Aan de vooravond van de Nationale Tuinweek introduceert IVN Natuureducatie in samenwerking met Sprinklr het ‘Tuiny Forest’. Een compleet pakket van inheemse bomen, struiken en kruiden voor in de tuin.

Maarten Bruns, projectleider bij IVN: “Afgelopen jaar werden we verrast door aanhoudende droogte waar mensen, dieren en planten veel last van hadden. Experts voorspellen ook voor 2019 een droge en hete zomer. Steeds meer Nederlanders hebben een betegelde tuin en zitten daardoor in een soort oventje. Het planten van een Tuiny Forest geeft direct verkoeling én meer leven in je tuin.”

Van een Tiny Forest naar een Tuiny Forest
In 2015 plantte IVN het eerste Tiny Forest; een inheems bos ter grootte van een tennisbaan. Inmiddels liggen er al tientallen Tiny Forests in de openbare ruimte door heel Nederland. Al snel ontstond de wens om nog meer de buurt in te komen, de tuin in zelfs. Maarten Bruns: “Ons motto is: tegels eruit, groen erin. Maar niet iedereen weet hoe je dit vergroenen aanpakt. Daarom bieden we mensen een compleet pakket aan dat past in bijna elke tuin. Een Tuiny Forest is makkelijk zelf aan te leggen en helpt hittestress en droogte tegen te gaan. Daarnaast creëer je een fijne plek voor bijen, vogels en insecten en dus goed voor de biodiversiteit. We helpen mensen om zelf hun tuin prettiger te maken, terwijl ze bijdragen aan het oplossen van ingewikkelde problemen.”

Toegang tot gifvrije en duurzame planten
IVN werkt voor het pakket samen met Sprinklr, een plantenwebshop die gifvrije en duurzaam gekweekte planten verkoopt. Liedewij Loorbach, mede-oprichter van Sprinklr: “Wij willen mensen er graag bewust van maken dat het goed is om te kiezen voor planten die gekweekt zijn zonder pesticiden en mensen ook de kans bieden om onbespoten planten te kopen. Die zijn nog maar weinig te krijgen in de tuincentra. Ons doel is om Nederland duurzaam te vergroenen en daarom is deze samenwerking met IVN zo te gek. Tuiny Forest geeft echt een boost aan een groen en biodivers Nederland.”

Waarom inheems?
Een Tuiny Forest bestaat uit een mix van biologisch gekweekte, inheemse planten. Inheemse planten hebben zich na de laatste ijstijd spontaan in Nederland gevestigd. Ze zijn volgens de initiatiefnemers beter bestand tegen ziektes en trekken meer bijen, vlinders en vogels aan dan exotische planten. Een Tuiny Forest kost € 169,95 en er is dit jaar een gelimiteerde oplage van 400 pakketten die vanaf vrijdag beschikbaar zijn.

Tuiny Forest
Tuiny Forest is een onderdeel van het IVN-programma Natuur in de Buurt. De bossen stimuleren biodiversiteit en helpen bij het klimaatbestendig maken van buurten. ASN Bank werkt sinds juni 2019 mee aan het versterken van dit programma. Samen willen we alle tuinen in Nederland vergroenen, zodat er een natuurpark ontstaat dat groter is dan de Veluwe.

Foto: IVN Natuureducatie

Op 15 juni 2019 organiseren Willemstein Hoveniers en de gemeente Waddinxveen voor de tweede keer “Operatie Steenbreek”. Van 10.00 uur tot 14.00 uur kunnen inwoners een tegel inleveren bij de gemeentetent aan de Groensvoorde. Daarnaast zijn er experts aanwezig die de geïnteresseerden advies en informatie geven over het vergroenen van de tuin, waterafvoer en nog veel meer.

Wethouder Gezina Atzema zal om 10.00 uur het startsein geven door de eerste tegel te breken.

Waarom deze actie?
Groene tuinen zijn goed en belangrijk. Samen verstening tegengaan met groen houdt onze omgeving leefbaar, want door verstening lopen de temperaturen op. Dit betekent ook minder groen in de tuin, minder vogels, insecten en andere dieren. Daarnaast zorgt meer groen in de tuin voor een betere waterafvoer na een heftige regenbui. Hiermee verkleinen we dus wateroverlast en druk op het riool. En niet onbelangrijk: het ziet er mooi uit.

Bijenballen
Er is ook een leuke activiteit voor kinderen. Zij kunnen ballen maken die in de natuur gegooid of gelegd kunnen worden. Deze ‘zaadbommetjes’ zijn bedoeld om vooral wilde bijen en hommels te helpen om aan genoeg nectar te komen. In de zomer zullen deze zaadjes veranderen in kleurrijke bloemen.

Bron:
Gemeente Waddinxveen

De provincie Utrecht heeft 55 inzendingen ontvangen voor de natuurprijs Groene Kroon 2019. Van bouwbedrijven tot particulieren, van architecten tot gemeenten: een verscheidenheid aan inzenders stuurde initiatieven in die de biodiversiteit in en rondom bebouwd gebied versterken. De jury buigt zich de komende maanden over alle inzendingen waarna ze op 18 september de winnaars aanwijst.

Van 20 februari tot en met 1 juni konden initiatieven worden ingestuurd, in twee categorieën:
– Kleine initiatieven van bijvoorbeeld particulieren, buurtinitiatieven, stichtingen, onderwijsinstellingen en midden- en kleinbedrijf.
– Grote initiatieven van bijvoorbeeld woningcorporaties, gemeenten en bouw- en aannemersbedrijven.

Van de 55 inzendingen valt tweederde in de categorie ‘kleine initiatieven’. Een derde van de inzending zijn ‘grote initiatieven’.

Jury
De jury bestaat uit Robbert Snep (Wageningen University & Research), Fiona van ’t Hullenaar (Universiteit Utrecht), en Mathias Lehner (nextcity.nl). In juni komen zij bijeen om per categorie zes genomineerden aan te wijzen. De genomineerden ontvangen van de jury feedback op het ingezonden initiatief waarna zij enkele weken de gelegenheid krijgen om de inzending te verbeteren of aan te vullen. In augustus kiest de jury vervolgens per categorie drie finalisten. Op 18 september wordt duidelijk welke initiatieven daadwerkelijk beslag leggen op de natuurprijs Groene Kroon 2019.

Doel
Met de natuurprijs Groene Kroon stimuleert de provincie Utrecht iedereen om te helpen onze bijzondere Utrechtse natuur te beschermen. Het thema van 2019: Natuur in en rondom de bebouwde omgeving.

Bijdrage aan biodiversiteit
Utrecht is een drukke provincie met een gevarieerd buitengebied, grote stedelijke gebieden en aantrekkelijke dorpen. De bebouwde omgeving is niet alleen ónze woonomgeving, maar ook die van planten en dieren. Steden en dorpen kunnen daarom een belangrijke bijdrage leveren aan de biodiversiteit. Toepassingen als vogelvriendelijke tuinen, groene daken, bloemstroken en (ingebouwde) nestkasten kunnen allemaal onderdeel zijn van woonwijken, bedrijventerreinen en individuele woningen.

Positieve effecten van natuur
Ook parken, plantsoenen, bermen en waterpartijen zijn goed voor de natuur in de stad, wanneer ze natuurvriendelijk worden ontworpen en beheerd. Hierdoor komt er ruimte voor planten en dieren, met speciale aandacht voor beschermde en bedreigde soorten. Bovendien nodigt een groene omgeving uit tot bewegen, ontspannen en ontmoeten. En dat draagt weer bij aan de gezondheid van onze inwoners.

Bron:
Provincie Utrecht