De zoveelste motie voor een aansluiting bij weer een maatschappelijk initiatief. Dat was wat Niek Heijboer, vormgever/adviseur Stad & Landschap, in eerste instantie dacht toen er een Steenbreekmotie in de gemeente Harderwijk was aangenomen. Nu, ruim een jaar verder, licht hij toe waarom hij destijds zo kritisch was over deze inmiddels succesvolle vergroeningsactie.

‘De reden dat ik sceptisch was, had ermee te maken dat er medio 2018 veel kleine moties werden ingediend, met grote politieke gebaren, waarvan de toegevoegde waarde niet altijd duidelijk was en ook nog eens veel werk vroeg. Dus toen de Steenbreekmotie voorbijkwam, dacht ik in eerste instantie dat het enkel ging om het gebruikmaken van een site en een folder, daar zat ik absoluut niet op te wachten. Ook omdat we onze eigen campagne “Samen kleuren we de stad” al hadden en we graag dat merk sterker wilden maken. Nu ervaar ik wat de toegevoegde waarde van Steenbreek voor Harderwijk is en dat kan prima naast en met “Samen kleuren we de stad.’ Dit vertelt Niek Heijboer op een mooie zomerdag buiten in de prairietuin van het stadhuis. Dat hij minder sceptisch werd, had te maken met het gesprek en de begeleiding vanuit de Steenbreekorganisatie en de kennisdagen die worden georganiseerd. ‘Eveline Beukema, consulent van Steenbreek, vertelde duidelijk wat de meerwaarde was en hoe je daar als gemeente in samenwerking met corporaties, inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties vorm aan kunt geven. Daarnaast vond ik de inspiratiedag van Steenbreek in juni van dit jaar in Zwolle erg goed. Een inhoudelijk sterk programma waarin veel uitwisseling plaatsvond tussen gemeenten. De kennis die je daar opdoet, is goed voor je netwerk en ervaring. Daar heb je echt wat aan.’

Omvormen tot groen oase
Een andere reden dat Heijboer niet meer terughoudend was richting Steenbreek had ermee te maken dat Ingrid Klooster, betrokken bewoner en eigenaar van de Mandela Tuin, graag met Steenbreek aan de slag ging in Harderwijk. Klooster, die bij het interview in de tuin van het stadhuis aanwezig is, vertelt daar vol enthousiasme over: ‘Harderwijk kent een aantal versteende wijken. Een daarvan is de Zeebuurt, een oude vissersbuurt. Via het wijkplatform benaderde ik de corporatie Uwoon en konden we dit voorjaar de oprit van het wijkhuis omvormen tot een groene oase met planten die veel bijen en vlinders trekken. Het gaat hier om een tijdelijke voorbeeldtuin, omdat deze huizen volgend jaar gesloopt worden.’ Heijboer: ‘Enthousiaste inwoners zoals Ingrid heb je nodig bij dit soort acties, de samenwerking met inwoners is erg belangrijk. Luisteren naar wat zij willen en niet voor hen denken.’

Voorbeeldtuinen
Op de vraag of deze tuin al als voorbeeld heeft gediend voor meer groene tuinen in deze wijk, laten Klooster en Heijboer weten dat het zo’n vaart nog niet loopt. Klooster: ‘De winst zit er nu in dat mensen er enthousiast van worden en erover praten. Dat is een belangrijke eerste stap.’ Heijboer vult aan: ‘De kracht van Steenbreek is dat het laagdrempelig is. Bewoners maak je niet enthousiast met allerlei beleidsdocumenten, die vanuit visie en strategie voor de lange termijn natuurlijk wel belangrijk zijn. Daarom willen we meer voorbeeldtuinen aanleggen. De volgende stap is een permanente inspiratietuin met bordjes met plantennamen bij de planten, zodat mensen hier ideeën kunnen opdoen. We zullen standaardontwerpen van Lageschaar Vaste Planten gebruiken. Door de mogelijkheden te laten zien, maak je mensen enthousiast. Daarnaast is de kracht dat je direct moet overgaan tot actie, waarbij je het ook laagdrempelig aanvliegt. Inwoners raken dan gemotiveerd.’

Hierdoor zie je dan ook dat de verschillende werkterreinen bij elkaar komen. Voorheen werkte Heijboer voornamelijk monodisciplinair vanuit zijn eigen groene werkveld. Nu werkt hij met collega’s uit bijvoorbeeld het sociale domein, dit kwam voorheen niet voor. ‘Dus je ziet dat de Steenbreek zich als olievlek verspreidt zowel binnen als buiten de organisatie’, vertelt Heijboer.

Kracht van groen is het samenwerken
Welke andere acties staan er de komende tijd gepland? Heijboer: ‘We hebben vlak voor de zomer onze geveltuinenactie bekendgemaakt. Inwoners uit het centrum die daar interesse in hebben, kunnen zich melden bij de gemeente. Wij zorgen ervoor dat er nette stenen bandjes worden geplaatst en mensen kunnen hun eigen planten kopen die ze vervolgens bij ons kunnen declareren. Wij waren in aanvang van plan om bij de geïnteresseerden een ontwerp te maken, maar het succes is groter dan verwacht. We zitten nu op ruim honderd inschrijvingen en daarom hebben we twee standaard inspiraties gemaakt: een voor de zon en de ander voor de schaduw met elk zes voorbeeldplantcombinaties. Mochten de bewoners extra advies willen, dan doen we dat.’ In het gesprek bevestigen beiden dat de kracht van het groen samenwerken is, zoals bij de aanleg van geveltuinen, dat mensen weer met elkaar in contact komen en daarmee ook uit hun isolement, zoals ouderen. Mensen worden vooral erg blij van groen.

Leren
De kracht van Steenbreek is volgens Ingrid Klooster dat het, naast de samenwerking in de eigen gemeente met allerlei partijen, een landelijk initiatief is waardoor je ook veel kennis en ervaring van andere gemeenten kunt opdoen. Klooster noemt als voorbeeld Nijmegen waar ze een wijkkaravaan organiseren met een pipowagen. Deze wagen wordt in Nijmegen als informatiepunt gebruikt bij acties in de wijk. Klooster: ‘Dat werkt daar hartstikke goed. Dus wij hebben op marktplaats een bouwkeet gekocht op koste van de gemeente Harderwijk. Deze wagen wordt nu opgeknapt bij Talenthouse. Talenthouse helpt jongeren in Harderwijk die dat nodig hebben, om zich positief te ontwikkelen in de maatschappij.’ Ook deze wagen gaat in Harderwijk gebruikt worden als laagdrempelig infocentrum bij campagnes in de wijk.

Hoe ver ga je?
De vraag die Heijboer en zijn collega’s zich stellen is: hoe ver ga je in het faciliteren en subsidiëren naar de inwoners toe? ‘Het is primair niet onze taak om ons met de private ruimte te bemoeien. Maar aan de andere kant geven we ook subsidie op zonnepanelen en energiebesparing. Als je dan toch deze gesprekken voert, waarom betrek je daar dan de tuin niet bij?’ Vragen die hardop worden gesteld en die de komende tijd verder worden uitgewerkt. De nadruk in dit gesprek met Heijboer en Klooster ligt nu op de private ruimte, maar Heijboer laat desgevraagd ook weten dat de vergroening in publieke ruimte zeker de aandacht van de gemeente heeft. ‘Het bevorderen van de biodiversiteit is een speerpunt. We zijn volop bezig met de omvorming van strakke gazons naar bloemrijke bermen, waar biodiversiteit dus een zeer belangrijk aandachtspunt is. En als je bedenkt dat circa vijftig procent van het grondoppervlak van de gemeente particulier eigendom is, dan loont het om aandacht te vragen voor een groene inrichting om zo met elkaar te zorgen voor een leefbare en klimaatbestendige stad.’ Tijdens het gesprek borrelen er spontaan bij Heijboer en Klooster allerlei nieuwe ideeën op. Heijboer: ‘Zo gaat het bij ons altijd. Wij inspireren elkaar en dat stimuleert enorm.’

Bron:
Vakblad Groen nummer 10
Auteur: Roel van Dijk
Foto: Ingrid Klooster

Tim Pleging is afgestudeerd aan de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht (HKU) in de richting Spatial Design. Zijn afstudeerproject ‘Cool down? Green up!’ richtte zich op de vraag hoe de intensiteit van hitte-eilanden op een klimaatadaptieve manier verminderd kan worden. Op basis van negen omgevingsfactoren wordt duidelijk hoe groot het hitte-eilandeffect op een locatie, zoals pleinen, is en wat gedaan kan worden om de temperatuur te laten dalen.

Het grootste gevolg van de verstening is het ontstaan van hitte-eilanden. Langdurige hitte heeft verschillende negatieve gevolgen, onder andere voor de gezondheid van de mens en de natuur. Tijdens een hittegolf sterven er in Nederland ongeveer vijftig mensen per dag meer.

Ook steden in het buitenland krijgen steeds vaker te maken met hitte-eilanden. De Europese steden zijn stedenbouwkundig erg verschillend. Zo is het centrum van Londen en Parijs opgebouwd in blokken met binnenplaatsen. Het centrum van Amsterdam bestaat daarentegen juist uit rijen bebouwing met daartussen grachten. Tijdens zijn onderzoek heeft Pleging van verschillende steden de opbouw en voorkomende hitte-eilanden geanalyseerd en met elkaar vergeleken. Hierdoor wordt duidelijk welke factoren de intensiteit van hitte-eilanden laten toe- en afnemen. De geanalyseerde steden zijn geselecteerd op basis van klimaat, het aantal zonuren en de gemiddelde zomertemperatuur.

Verkoeling
Deze analyses van de verschillende steden laten zien dat twee factoren een belangrijke rol spelen bij de verkoeling van de stad: vergroening en warmtetransport. Groen zorgt met zijn natuurlijke processen, evaporatie en transpiratie, voor verkoeling in de omgeving. Daarnaast zorgt beplanting ervoor dat zeventig procent van de zonnestraling de grond niet bereikt door de schaduwvorming. De grootste waarde van bomen en planten is hun gebruik van zonne-energie door fotosynthese. Hierdoor wordt de zonne-energie opgenomen en door de beplanting gebruikt om te groeien. Het wordt dus niet zoals bij verharding weerkaatst naar de omgeving, waardoor deze minder opwarmt.

Stromend water en wind zijn de twee natuurlijke vormen van warmtetransport. Veel grote steden zijn langs rivieren gebouwd. De rivier is een natuurlijke airconditioner door de toevoer van koel water. De stroming voert het in de stad opgewarmde water direct af. Wind veroorzaakt ook een natuurlijk warmtetransport. Koele lucht wordt door brede openingen de stad ingeblazen en zorgt ervoor dat de warme lucht zich verplaatst en mengt met koele lucht.

Omgevingsfactoren
Op basis van de analyses zijn negen omgevingsfactoren in kaart gebracht die invloed hebben op de intensiteit van de hitte-eilanden. De negen omgevingsfactoren zijn:

  1. temperatuur
  2. grondsoort
  3. percentage verharding
  4. verkeersintensiteit
  5. straatprofiel
  6. percentage beplanting
  7. water
  8. locatie in de stad
  9. hoogte van de bebouwing

Bij elke factor zijn er keuzemogelijkheden die op een locatie van toepassing zijn. Elke mogelijkheid heeft een percentagebalk die aangeeft hoeveel invloed deze heeft op een hitte-eiland. Na de toetsing van het gebied wordt door het gemiddelde van de percentages te berekenen duidelijk wat de intensiteit van het hitte-eiland is. Daarnaast wordt op een overzichtelijke wijze zichtbaar op welke manier de temperatuur verminderd kan worden. Hier een beschrijving van vier van deze omgevingsfactoren.

Hoe werkt het?
De negen omgevingsfactoren zijn toegepast op verschillende locaties. Een daarvan is het Leeghwaterplein in Den Haag, een gebied met veel bebouwing en verharding. Na toetsing van de omgevingsfactoren komt naar voren dat de intensiteit van de hitte-eilanden erg hoog is: 94,3 procent (dit is de huidige situatie).

Minimale aanpassingen
Door twee nieuwe situaties te schetsen, wordt duidelijk hoeveel de intensiteit verminderd kan worden. De eerste variant heeft minimale aanpassingen, de huidige verkeerssituatie wordt hierbij niet veranderd. Er worden groene gevels en bomen aangelegd en de trambaan krijgt een ondergrond van gras. Hierdoor veranderen drie omgevingsfactoren, het gemiddelde percentage van de omgevingsfactoren daalt hierdoor tot 58,6 procent.

Utopie
De tweede variant heeft grote invloed op de huidige verkeerssituatie en schetst een utopie. Auto’s zijn uit het straatbeeld verdwenen en beplanting is hiervoor in de plek gekomen. De groene gevels zijn, net zoals de eerste variant, ook hier aanwezig. Bovendien is het water rondom het Leeghwaterplein verlengd en verbonden waardoor stromend water ontstaat. Door deze aanpassingen zijn vijf omgevingsfactoren veranderd, het gemiddelde percentage van de omgevingsfactoren daalt hierdoor tot 28,6 procent.

Het Utrecht Science Park is een stukje groener geworden. De Green Office van de Universiteit Utrecht startte daar 21 november met de aanplant van een Tiny Forest: een dichtbegroeid, inheems bos ter grootte van een tennisbaan. Dit minibos wordt Nederlands eerste Tiny Forest dat in beheer is van een universiteit. Het project is geïnitieerd door twee studenten van de Utrechtse Biologen Vereniging.

Op 21 november 2019 gingen universiteitsmedewerkers en -studenten aan de slag met het planten van vijfhonderd inheemse bomen en planten. Het eindresultaat vergroot de ecologische waarde van de campus en biedt een thuis aan lokale insect-, vogel- en andere diersoorten. Deze week bleek uit een tussenrapportage van het biodiversiteitsonderzoek van IVN Natuureducatie dat Tiny Forests honderden verschillende dieren- en plantensoorten aantrekken.

Onderzoekstegels
De locatie van dit minibos biedt een mooie kans voor onderzoek door het departement Biologie van de Universiteit Utrecht en de studievereniging van Biologie, maar ook door de studenten van de Hogeschool Utrecht, met wie de Universiteit Utrecht het Science Park deelt. De mogelijkheid tot onderzoek in het minibos was vanaf het begin van het project al een leidend principe. Met dit in het vooruitzicht zijn zogeheten onderzoekstegels in het ontwerp geïntegreerd. Deze tegels kunnen door biologiestudenten gebruikt worden om het zich steeds verder ontwikkelende ecosysteem nauwlettend in de gaten te houden, en waardevolle inzichten te verkrijgen over de soortenrijkdom in het minibos.

De optelsom van dit nieuwe minibos met de rijkdom aan kennis en inzet die op het Science Park aanwezig is, gaat ervoor zorgen dat dit Tiny Forest het onderwerp wordt van veel toekomstige onderzoeksprojecten en scripties. Door steeds verder voort te bouwen op geleerde lessen uit eerdere onderzoeken, en de hieruit verkregen kennis te implementeren in natuursituaties op andere plekken in Nederland, kan de universiteit zorgen voor impact op grotere schaal dan haar campus alleen. Het streven is om hiermee een bijdrage te leveren aan het vergroten van biodiversiteit in de rest van Nederland en daarbuiten.

Bron:
www.uu.nl/

De pracht van de Nederlandse natuur onder de aandacht brengen op sociale media, dat beoogde Anthonie Stip toen hij op 14 november de hashtag #MijnNatuurBlijft startte.

Inmiddels doen vele duizenden mensen mee. Ze geven hiermee aan dat ze natuur enorm waarderen en laten zien wat hun favoriete plekken zijn.

Lees het volledige bericht op Nature Today

Maak van je tuin een levende tuin, voor mens en dier. Met deze boodschap trekken tuinvereniging Groei & Bloei, Stichting Steenbreek, Vogelbescherming Nederland, IVN Natuureducatie, AVVN, Velt (Vereniging voor ecologisch leven en tuinieren) en KNNV, vereniging voor veldbiologie, in 2020 het land in. Iedere partner levert vanuit zijn eigen organisatie een bijdrage door het organiseren van groene activiteiten, die gebundeld zijn in een gezamenlijke jaarkalender.

Januari 2020
Minicursussen Tuinvogels herkennen
Appelvink of Putter? Welke vogels zie je in jouw tuin en op de voedertafel? Leer in één bijeenkomst en een excursie de tuinvogels herkennen. In samenwerking met Vogelbescherming Nederland geven KNNV afdelingen op verschillende plaatsen een minicursus tuinvogels herkennen. Na deze minicursus kan je succesvol meedoen met de Nationale Tuinvogeltelling in het weekend van 24-26 januari 2020.
Meer informatie

Voorjaar 2020
Volg de workshop “Een levende tuin maak jezelf”
In dertien Steenbreek gemeenten worden in het voorjaar 2020 meerdere workshops “een levende tuin maak jezelf” georganiseerd. In 2,5 uur krijg je van ervaren natuurexperts van IVN en KNNV inspiratie, tips en voorbeelden om jouw tuin aantrekkelijker te maken. Voor jezelf en voor vogels, insecten en andere dieren. Voor iedereen die groene vingers wil krijgen en in het bezit is van een tuin of tuintje. Check of er een workshop plaatsvind bij jou in de buurt

Voorjaar 2020
Volg de cursus Stap voor stap Moestuinieren
Je eigen gezonde groenten natuurlijk telen, oogsten en daarna een maaltijd van maken. Eten uit eigen tuin is ontzettend leerzaam en leuk. Wij laten jou graag zien hoe je nou begint met je eigen moestuin, of het nu in de achtertuin, de volkstuin of op het balkon is.  De korte cursus moestuinieren is bedoeld voor volwassenen met weinig kennis van moestuinen. In deze korte cursus leer je hoe je eenvoudig een kleine moestuin opzet en met goed resultaat kunt oogsten. Meer informatie.

DEZE BIJEENKOMST GAAT NIET DOOR IVM HET CORONAVIRUS.
Festival voor boeren en bijen

Voedsel Anders en Velt hebben beslist om het Festival voor Boeren en Bijen, de Velt-markt-Anders op 14 maart in Mechelen te annuleren.
We nemen onze verantwoordelijkheid en willen niet bijdragen aan de verdere verspreiding van het coronavirus. We zijn solidair met de risicogroepen voor het virus en willen onze gezondheidswerkers zoveel mogelijk ontlasten.
Daarom zal de Velt-markt-Anders op 14 maart niet doorgaan. We beraden ons de komende dagen over de verdere stappen.

We raden je van harte aan om de vrijgekomen tijd in de tuin of de natuur door te brengen, de plek bij uitstek om energie op te doen!

Maart 2020
Leg je eigen Tuiny Forest aan
Voeg kleur, geur en leven toe aan jouw tuin met Tuiny Forest, een inheems bos op tuinformaat. IVN heeft in samenwerking met Sprinklr een pakket samengesteld vol biologisch gekweekte planten. Binnen een halve dag leg je daarmee een inheems microbos van 6m2 vol bomen, struiken en kruiden in je tuin aan. Goed voor bijen, vlinders, vogels én voor jou! De Tuiny Forest-pakketten worden 11 en 12 maart bezorgd. Perfecte start van het voorjaar! Lees meer

18 maart
Nationale Boomfeestdag
De 64ste Nationale Viering Boomfeestdag vindt komend jaar plaats in gemeente Alphen aan den Rijn. Op woensdag 18 maart planten Alphense kinderen honderden bomen en struiken in het hart van het Prinses IreneBos. Ook organiseren we een KinderKlimaattop. Kinderen gaan in onderhandeling met CEO’s, natuurorganisaties en politici over hun ideeën voor een leefbare aarde. www.boomfeestdag.nl

DEZE BIJEENKOMST WORDT VERPLAATST IVM HET CORONAVIRUS.
26 maart
Inspiratiedag Stichting Steenbreek
Op 26 maart organiseert Stichting Steenbreek i.s.m. provincie Noord-Brabant de tweejaarlijkse inspiratiedag. Deze dag is onder andere bedoeld voor de aangesloten gemeenten en partners en heeft als doel om kennis en ervaringen met elkaar te delen rondom het thema ‘Samen voor meer groen in de buurt!’ Locatie: Hoeven. Programma en aanmelden.

28 maart
Tegel eruit, Plant erin
Lever op zaterdag 28 maart een tegel in bij Intratuin en ontvang een tuinplant cadeau om de leeggekomen plek te vergroenen. Heb je geen groene vingers? Geen probleem, je krijgt van Groei & Bloei tips zodat je eigen tuin of balkon in no-time groeit en bloeit! Via deze actie van Groei & Bloei zijn al bijna 30.000  tuintegels vervangen door levend groen. De actie is van 10.00-15.00 uur en in samenwerking met Stichting Steenbreek, Vogelbescherming Nederland, IVN Natuureducatie en KNNV.

18 en 19 april
Tel mee met de Nationale Bijentelling
Doe mee met 3e Nationale Bijentelling van Nederland Zoemt. Door heel Nederland worden bijen geteld in eigen tuin, het park of op het schoolplein. Als we meer weten over bijen, kunnen we de bij beter helpen. En dat is hard nodig, want van de 358 soorten wilde bijen in Nederland zijn er 188 bedreigd.  Benieuwd naar de resultaten van afgelopen jaar?  Of wil je je aanmelden om mee te doen? Ga naar de website

6 en 7 juni
Laat je verwonderen op de Velt-ecotuindagen
Elk jaar organiseert Velt (Vereniging voor Ecologisch Leven en Tuinieren) de ecotuindagen. Ook dit jaar – namelijk zaterdag 6 juni en zondag 7 juni – is dat het geval. Ruim 200 tuinen in Nederland en België stellen zich open voor publiek. Leer, beleef en geniet samen met de 40.000 andere bezoekers! PS: dit jaar zijn er extra veel stadstuinen te bezichtigen. Ontdek hier de tuinen die je kunt bezoeken: www.velt.nu/ecotuindagen.

13 t/m 17 mei 
Gardenista

Van 13 t/m 17 mei organiseert Groei & Bloei voor de tweede keer de tuinbeurs Gardenista: een tuinfestival met showtuinen, moestuinieren, bloemschikken, kwekers, hoveniers, onderwijs, kunst en water voor amateurs en professionals, met de jeugd (studenten) als onmisbare schakel. www.gardenista.nl.


13 t/m 21 juni                        
Groei & Bloei Nationale Tuinweek

Vereniging Groei & Bloei organiseert van 13 t/m 21 juni  2020 de Nationale Tuinweek waarin de  eetbare tuin centraal staat. In deze week kun je in meer dan 20 regio’s in het land deelnemen aan groene workshops, lezingen en excursies om je te laten inspireren om eigen tuin, balkon, dak- of buurttuin verder te vergroenen. Groei & Bloei werkt tijdens deze week samen met groene organisaties zoals Stichting Steenbreek, Vogelbescherming Nederland, IVN Natuureducatie, KNNV en AVVN. www.groei.nl/tuinweek

Juli 2020
KNNV Minicursussen vlinders herkennen
De KNNV geeft in samenwerking met De Vlinderstichting op diverse plaatsen in het land een minicursus dagvlinders herkennen. Leer in één avond en één excursie hoe je tuinvlinders kunt herkennen en hoe je vlinders in jouw tuin krijgt. Na deze minicursus kun je succesvol meedoen met de Nationale Vlindertelling van xx juli – xx juli 2020. Kijk snel of er een minicursus bij jou in de buurt is.

Eind September 2020 (week 39)
KNNV minicursussen paddenstoelen herkennen
Speur in de KNNV Week van de Veldbiologie naar paddenstoelen en ontdek ze ook in je eigen tuin. Of doe mee met een minicursussen paddenstoelen herkennen en leer in één avond en één excursie hoe je paddenstoelen kunt herkennen en op naam brengen. Meer informatie volgt.

15 oktober                       
Nationale Groendag

Op 15 oktober organiseren de gemeente Oss en Stichting Steenbreek de Nationale Groendag. De Nationale Groendag is bedoeld voor professionals die in de publieke en private ruimte werkzaam zijn. www.nationalegroendag.nl

November
Inspiratiedag Stichting Steenbreek
Op xx november organiseert Stichting Steenbreek i.s.m. ? de tweejaarlijkse inspiratiedag. Deze dag is onder andere bedoeld voor de aangesloten gemeenten en partners en heeft als doel om kennis en ervaringen met elkaar te delen rondom het thema ‘Samen voor meer groen in de buurt!’ Programma volgt.


Vogelbescherming Nederland en de Zoogdiervereniging hebben op woensdag 20 november 2019 de Toolbox Natuurinclusief Bouwen gelanceerd. De lancering vond plaats op natuurlijk2019, het congres voor natuurinclusief bouwen. Op de website www.bouwnatuurinclusief.nl kunnen bouwprofessionals vanaf nu praktische informatie vergaren over maatregelen waarmee zij hun projecten natuurinclusief maken.

De website is bestemd voor gemeenten, projectontwikkelaars, architectenbureaus en woningcorporaties. Al deze partijen zijn namelijk van cruciale betekenis om van natuurinclusief bouwen en ontwerpen het ‘nieuwe normaal’ te maken.

Door in en aan gebouwen en hun omgeving eenvoudig toepasbare en relatief goedkope voorzieningen te treffen, vergroent de leefomgeving van mensen en krijgen vogels en vleermuizen daarin nieuwe plekken om te nestelen, zich te voeden en te schuilen bij onraad. Ook de menselijke bewoners ondervinden de nodige positieve effecten van een natuurinclusieve woning en woonomgeving, bijvoorbeeld op het gebied van gezondheid en comfort.

Iedereen heeft een rol
In het natuurinclusief maken van de gebouwde omgeving hebben alle partijen hun eigen rol te vervullen:

  • Gemeenten kunnen stimuleren en faciliteren, zelf actie ondernemen, maar ook in hun ruimtelijke procedures maatregelen treffen om andere partijen tot actie aan te zetten.
  • Door meer groen in hun projecten te brengen, kunnen projectontwikkelaars de toekomstige bewoners van hun projecten van een beter woon- en leefklimaat voorzien.
  • Architecten op hun beurt zijn in staat om natuurinclusieve maatregelen naadloos in hun projecten te voegen en deze niet alleen te vergroenen maar ook te verfraaien.
  • Woningcorporaties kunnen met de inzet van goedkope en eenvoudig toepasbare natuurinclusieve maatregelen de leefbaarheid in hun wijken en buurten een krachtige impuls geven.

Concrete maatregelen
De website www.bouwnatuurinclusief.nl biedt professionals naast praktische informatie en tips & tricks ook advies over een groot aantal concrete voorzieningen waarmee gebouwen en hun omgeving natuurinclusief kunnen worden gemaakt. De mogelijke maatregelen zijn in dat kader onderverdeeld naar doelgroep en naar gebouw en gebouwdeel en de omgeving van het gebouw.

Daarnaast komen ervaringsdeskundigen aan het woord. Zij geven onder andere aan dat, door projecten al vanaf de voorbereidingsfase natuurinclusief te benaderen de gebouwkwaliteit fors verbetert, terwijl de kosten zowel bij nieuwbouw als bij renovatie beperkt blijven.

Het is natuurlijk onvermijdelijk, dat ik in deze nieuwsbrief terugkom op de geslaagde Nationale Groendag 2019 in Wageningen. Met ruim 320 deelnemers op één van de mooiste plekken van ons land en een sterk programma met belangwekkende sprekers zag het er tevoren al veelbelovend uit. Maar het was wel spannend of het allemaal zou lukken.

In de eerste plaats wil ik de gemeente Wageningen bedanken voor de ondersteuning (praktisch en financieel) en het steeds grotere enthousiasme, waarmee de klus is geklaard. Dankzij de inzet en de goede contacten van de gemeente konden we niet alleen een paar bijzondere sprekers ontvangen, maar kwam ook de gedeputeerde van Gelderland langs om te melden, dat de provincie graag aansluit bij Steenbreek. Waarmee we vier provincies in onze gelederen hebben.  

De aftrap was voor een recent geridderde Louise Vet, de initiatiefnemer van het Deltaplan Biodiversiteit, de ‘ronde tafel voor de natuur’. Zij wees in een stevig verhaal op de tot nu volstrekt onvoldoende aandacht, die er is voor de aantasting van het ecologisch systeem. Ze liet ook blijken dat ze twijfels heeft of het Deltaplan in dit opzicht gaat werken. Misschien moeten we meer verwachten van de commissie Remkes, waar ze ook aan deelneemt.

Joris van Toor van de Nederlandse Bank kwam in zijn duidelijke en degelijke verhaal met goed nieuws: de DNB gaat de risico-beoordeling die ze doen bij banken, verzekeringen en pensioenfondsen uitbreiden naar milieuschade, bioschade en duurzaamheidsrisico’s. Op deze manier wordt een begin gemaakt met het meewegen van de onbetaalde rekeningen in de economie, zoals klimaatschade, vervuiling, uitputting en andere tot nu toe ongenoemde kostenposten. Zaterdag vond ik in de krant een pleidooi om het economie-onderwijs te vernieuwen, omdat het nauwelijks meer gaat over de realiteit. Er is beweging in de goede richting!

Landschapper Adriaan Geuze maakt zich al heel lang boos over de verrommeling van het landschap. Hij pleitte voor het grote gebaar op basis van een ‘Napoleontische’ visie, maar ook met aandacht voor de spontane ontwikkeling en duurzaamheid. Hij zorgde met een enthousiast betoog voor nieuwe energie vlak voor de lunch en toonde zich een grote fan van Steenbreek, maar z’n vrouw beslist wat er in de tuin gebeurt.

Steenbreektrofee
Tussendoor werd de Steenbreektrofee uitgereikt aan de bewoners van Spijk (waar de Rijn écht ons land binnenkomt!), die op indrukwekkende wijze zelf hun openbare ruimte op een echte Steenbreek-manier hebben aangepakt. Er waren tien deelnemers in deze eerste editie van de vernieuwde prijs.

’s Middags werden er in twee rondes zes workshops gehouden, waarin partners van Steenbreek hun bijdragen leverden aan de versterking van het informatieve karakter van de dag. Maar er werden ook tuinen ontworpen en er was een wateringenieur, die het belang van een gezonde bodem benadrukte. Intussen werd er per bus een bezoek gebracht aan het instituut waar Louise Vet tot voor kort directeur was en aan de Binnenveldse Hooilanden, die bedreigd worden door de stikstof en daarom nu in Den Haag op het offerblok liggen.

Natuur-inculsief bouwen
De actualiteit was ook aanwezig in de vorm van een brief aan twee ministeries, door mij ondertekend namens twintig organisaties, die ervoor pleiten natuur-inclusief bouwen tot de norm te verklaren. De aanwezigen lieten op Noord-Koreaanse wijze horen, dat zij ook achter deze brief staan. Daarmee was de diversiteit van de dag compleet, wat tot lang napraten aanleiding gaf. Ik mocht toen al veel complimenten ontvangen en dat bleef in de dagen daarna nog even digitaal doorgaan. Zoals een enthousiaste deelnemer zei: “Het was prachtig, helemaal Steenbreek!”        

Wout Veldstra
Voorzitter
Stichting Steenbreek    

Op 25 en 28 november organiseren Stichting Steenbreek en NL Greenlabel het eerste Kenniscafé, speciaal voor ondernemers die betrokken zijn bij de inrichting van tuinen zoals hoveniers, kwekers, maar ook steenleveranciers en tuincentra. De hevige piekbuien, perioden van droogte en zorgwekkende teruggang in biodiversiteit laten zien dat het roer om moet en dat kan met de toekomstbestendige tuin. Maar wat is een toekomstbestendige tuin? Dat en meer staat centraal in het Kenniscafé. De zes gemeenten in Flevoland en Waterschap Zuiderzeeland faciliteren de Kenniscafés.

Dit eerste Kenniscafé staat in het teken van een toekomstbestendige tuin. Diverse sprekers geven inspiratie en delen hun kennis op het gebied van water, bodem, verharding en wateroplossingen. Verder krijg je als ondernemer antwoord op zaken als: Wat kan groen betekenen voor het koelen van de omgeving? En hoe kan ik werk maken met de toekomstbestendige tuin?

De keynote spreker is Mirko van Ingen, adviseur van Groen en Blauw. Hij is bekend om zijn presentaties en workshops voor klimaatbestendige tuin. Ook is hij auteur van het rapport ‘Door de tegels de tuin niet meer zien’ van Samen Klimaatbestendig.

Daarnaast is er een Pitchcarrousel van diverse sprekers met praktisch oplossingsrichtingen: Water2Keep, Rain(A)Way, Innogreen, Stichting Steenbreek en Donker Groep / GildenGroen 

Uitnodiging

Wij nodigen van harte ondernemers uit om één van de twee Kenniscafés bij te wonen.

We beloven een afwisselende avond waarin kennisuitwisseling – op allerlei manieren – centraal staat. 

Wanneer:

  • Maandag 25 november van 17.00-21.00 uur, Gemeentehuis in Emmeloord
  • Donderdag 28 november van 17.00-21.00 uur, De Beleving in Zeewolde

Deelname is gratis en opgeven betekent ook dat we je verwachten. Omdat je inbreng waardevol is.

Ondernemers kunnen zich opgeven via kenniscafeflevoland@gmail.com. Daarna ontvangen zij een bevestiging en het uitgebreidere programma van het Kenniscafé Flevoland.

De Nationale Groendag, die gisteren in Wageningen plaatsvond, ging over het versterken van biodiversiteit. Als de dag iets duidelijk maakte, dan was het dat de aandacht voor die versterking in een nieuwe fase zit: die van het grote gebaar. Er is een Deltaplan Biodiversiteit, de Nederlandsche Bank pakt het thema op en architect Adriaan Geuze verandert wereldsteden van grijs in groen op een ‘Napoleontische wijze’.

Met zo’n 320 gasten was de Nationale Groendag druk bezocht. De aandacht voor biodiversiteit groeit flink was na afloop van de dag dé conclusie. Keynote Louise Vet (zie foto), voorzitter van het Deltaplan Biodiversiteitsherstel, riep de deelnemers van de Nationale Groendag op in (eco)systemen te gaan denken, want systemen zorgen voor spreiding van risico’s en dus voor meer weerstand. 

Financiële instellingen
Primaire taak van De Nederlandsche Bank (DNB) is te kijken naar de stabiliteit van financiële instellingen en die opereren wereldwijd. Ze kijkt dus naar risico’s die deze instellingen lopen met hun investeringen, vertelt Joris van Toor, beleidsadviseur bij de DNB. Die komen in toenemende mate uit de hoek van klimaatveranderingen, maar DNB wil meer bewustzijn kweken dat ook het verlies aan biodiversiteit grote risico’s met zich meebrengt. DNB initieerde daarom het Project Nectar, dat de risico’s van biodiversiteitsverlies voor de Nederlandse financiële sector in kaart brengt. 

Radicaal
Architect Adriaan Geuze, directeur van West 8 en buitengewoon hoogleraar aan de WUR, laat zich in zijn ontwerpwerk inspireren door Operatie Steenbreek. Hij  pleit ervoor om het concept Steenbreek op een radicale wijze toe te passen in steden – maar wel steeds met mededogen. Mededogen voor het ‘knoeien wat we met z’n allen doen’, want juist dat knoeien heeft in zijn ogen veel potentie.  

De Nationale Groendag werd georganiseerd door de gemeente Wageningen, Stichting Steenbreek, provincie Gelderland en waterschap Vallei&Veluwe.

Overig nieuws van de Nationale Groendag:
Stichting Actief Spijk wint Steenbreektrofee 2019
Provincie Gelderland sluit aan bij Stichting Steenbreek

Foto: sjon.nl

Provincie Gelderland sluit zich aan bij Stichting Steenbreek. Dit maakte gedeputeerde Peter Kerris, die onder andere klimaatadaptatie in zijn portefeuille heeft, op de Nationale Groendag bekend. Daarmee is Gelderland na Overijssel, Noord-Brabant en Utrecht de vierde provincie die meedoet aan deze landelijke campagne.

In een vraaggesprek met dagvoorzitter Alphons Rommelse vertelde Kerris er belang aan te hechten om mee te doen aan dit maatschappelijke initiatief waar zo’n 130 gemeenten, vier provincies en vier waterschappen bij zijn aangesloten. Peter Kerris: ‘Stichting Steenbreek stimuleert heel veel mensen op een laagdrempelige manier om hun eigen woonomgeving te ‘vergroenen’. Die kennis en ervaring zetten wij in voor onze eigen programma’s. Zoals het stimuleren van toekomstbestendige woonwijken, verduurzaming van bedrijventerreinen en het programma Steengoed Benutten waarmee we leegstaande gebieden weer aantrekkelijk maken.’

Nationale Groendag
De Nationale Groendag vond dit jaar plaats op 14 november in Wageningen. Het thema van deze dag was ‘Samen werken aan biodiversiteit’. Diverse sprekers lichtten dit onderwerp vanuit hun vakgebied toe. In de middag vonden er een zestal workshops en drie excursies in Wageningen plaats.

Succes
De campagne van Stichting Steenbreek is een groot succes. In Nederland zijn al zo’n 130 gemeenten, waarvan vijftien in Gelderland, actief om samen met inwoners en andere betrokkenen de leefomgeving te vergroenen. Die directe betrokkenheid van mensen is ook de kracht van de campagne. Voor de provincie Gelderland reden om zich aan te sluiten en om meer gemeenten binnen haar provinciegrenzen te stimuleren aan te haken. Naast de provincie zijn de Gelderse gemeenten Apeldoorn, Doesburg, Ede, Ermelo, Harderwijk, Maasdriel, Nijmegen, Nunspeet, Oldebroek, Rheden, Voorst, Wageningen, Zaltbommel, Zevenaar, Zutphen en Waterschap Vallei en Veluwe aangesloten bij Stichting Steenbreek.