Complete aanleg en onderhoud van een tijdelijk park zonder moeilijke aanbestedingsprocedures, met complete keuzevrijheid en voor een vast huurbedrag per jaar. Dit nieuwe Rent-a-Park™ concept wordt gelanceerd op GroenTechniek Holland, vakbeurs voor groenprofessionals van 10 t/m 12 september 2019 in Biddinghuizen.

Met dit nieuwe, duurzame concept dat naadloos past in de huidige flexibiliseringsmarkt, kan een lokale overheid met één partner tijdelijk een oud industrieterrein, braakliggend terrein of toekomstig beoogde woonlocatie in no time transformeren tot een aantrekkelijk park voor de korte en middellange termijn. Op GTH wordt een voorbeeld van zo’n Rent-a- Park gepresenteerd, door een grasveld van 4.000m2 om te toveren in een groene oase met een stadsstrand, flexibele werkplekken voor zzp’ers en mobiele sportopstellingen.

Voorbeeldpark met verrassende combinaties
GroenTechniek Holland toont samen met een aantal partners zoals Husqvarna Nederland, Tonsel Boomkwekerijen en Van Vliet Kastanjehout, welke keuzes voor het voorbeeldpark zijn gemaakt wat betreft de flora, materialen, technieken en alle aspecten van aanleg, ontmantelen en onderhoud, waaronder duurzaamheid, machines en gereedschap, afzettingen, outdoor meubilair, bodembedekkers, beplanting en bemesting. Kernbegrippen bij de keuzes zijn originaliteit, praktische toepasbaarheid, mobiliteit, variatie, duurzaamheid, dynamiek, snelle doorlooptijd en multifunctionaliteit.

Afbreuk omgeving
Veel lokale overheden hebben een oud industrieterrein, verpauperde woonwijk, afgebroken fabriek of een bouwterrein voor een nieuwbouwproject dat nog korte of langere tijd op zich laat wachten. Dergelijke gebieden omringd door woningen of bedrijfsgebouwen doen vaak afbreuk aan de omgeving qua uitstraling, veiligheid, milieubeheer en leefomgeving. Met het ‘Rent-a-Park™ concept’ kan een lokale overheid het op basis van maximale flexibiliteit snel transformeren tot een parkachtige omgeving voor de korte (minimaal 2 jaar) en middellange termijn, met een gunstige invloed op een groene, gezonde en veilige leefomgeving en plaats voor recreatie, sporten, werk, cultuur, flora en fauna, waterberging en sociale interactie. Dit alles voor een vast huurbedrag per jaar, zonder dat men eigenaar wordt. Voordelen zijn dat met één verhurende partij afspraken worden gemaakt, er maximale keuzevrijheid is hoe het park wordt ingericht (burgerparticipatie), de jaarlijkse kosten helder en overzichtelijk zijn en aanleg, onderhoud en het opruimen na afloop van de huurperiode geregeld is.

Vast huurbedrag
Het ‘Rent-a-Park™ concept’ biedt lokale overheden niet alleen de mogelijkheid voor een vast huurbedrag een openbare ruimte tijdelijk in te vullen, het biedt ook mogelijkheden de huurkosten te verlagen door onderdelen van het park te verpachten.

Aanleg én onderhoud
Op GTH ziet de bezoeker twee stadia; aanleg en onderhoud. Bij de aanleg is de keuze met namegebaseerd op beschikbaarheid en kosten van product, snelheid van het kunnen plaatsen en in hoeverrehet voldoet aan een groene perceptie voor de gebruiker van het park. Dit geldt voor gras,bodembedekkers, bomen, struiken, verharding, inrichting, waterpartijen, verlichting en verticale  begroeiing. Het voorbeeldpark is bij voorkeur energieneutraal wat betreft benodigde energie voor aanleg en onderhoud (wind- en zonne-energie). Bij onderhoud is duurzaamheid een belangrijke factor, waarbij het gaat om (bij)zaaien, maaien, reinigen, snoeien, afvalbeheer, zagen en onkruidbestrijding, veelal door elektrische apparatuur en gereedschap en waar mogelijk aangestuurd door een autonoom managementsysteem.

Over GroenTechniek
De tweejaarlijkse vakbeurs GroenTechniek Holland is van dinsdag 10 tot en met donderdag 12 september op het Walibiterrein in Biddinghuizen en dagelijks open van 10 tot 17 uur. Kijk voor alle deelnemers, merken, innovaties en activiteiten op www.groentechniekholland.nl.

Groene schoolpleinen staan volop in de belangstelling. Wat is dat precies en waar houd je rekening mee? Met die vragen houdt Springzaad zich al heel lang bezig.

Om hun deskundigheid te delen met uitvoerders organiseren zij voor de derde maal de cursus ‘Kennismaken met Groene Schoolpleinen’, ditmaal in Brabant, op 13 september en 4 oktober. Interesse? Hier vindt u alle gegevens.

Het klimaat verandert: we krijgen te maken met meer hevige regenbuien maar ook met langere droge periodes. Hoe kan de stad met deze twee extreme weersomstandigheden omgaan? Veel van het regenwater wordt nu nog via rioleringen afgevoerd om overlast te voorkomen. Daarmee wordt het droogteprobleem echter versterkt en de wateroverlast vaak niet eens verholpen. De gemeente Rotterdam is al volop bezig om slimme maatregelen te treffen, bijvoorbeeld met waterpleinen, wadi’s en meer open water.

Maar er is nog veel werk te verzetten. Op veel plekken in de stad is er te veel verharding en het stadsgroen is vaak niet geschikt om de twee extremen op te vangen. Een goede manier om dit te ondervangen is om groenvoorzieningen te laten functioneren als een spons. Een spons combineert de extremen; deze kan snel water opnemen, houdt dit tijdelijk vast en geeft het water weer terug aan de ondergrond. Om te onderzoeken hoe dit er in de praktijk kan uitzien, hebben een aantal partijen de Sponstuin aangelegd in Rotterdam.

Nieuwe concepten
In de Sponstuin testen de Urbanisten nieuwe concepten voor het opvangen, het vasthouden en het teruggeven van hemelwater aan de natuurlijke omgeving. Daarvoor wordt er geëxperimenteerd met grondmengsels, beplantingssoorten en nieuwe sponstechnieken. Het gedrag van het water wordt twee jaar lang met hulp van de Rotterdamse Veldmeetdienst gemonitord om te leren en deze kennis toe te passen in de praktijk. En het is natuurlijk ook gewoon een mooie tuin om van te genieten en in te verblijven. De Urbanisten zijn dit unieke experiment gestart, samen met de Voedseltuin en de gemeente Rotterdam. Daarnaast wordt de Sponstuin ondersteund door de sponsoren die op de folder staan vermeld.

Download de folder

Bron:
Folder Sponstuinen

Gemeenten moeten letterlijk meer ruimte geven aan grote bomen. Dat zal een van de aanbevelingen zijn uit het promotieonderzoek van Robert van Dongen die dit jaar promoveert aan de Eindhoven University of Technology (TU/e). Van Dongen, lecturer aan de Breda University of Applied Sciences (de voormalige NHTV), richt zich in zijn onderzoek op de vraag hoe we beter om kunnen gaan met stedelijk groen.

Dit artikel is eerder verschenen in vakblad GroenWord abonnee van Groen

Een van de conclusies uit  het onderzoek van Robert van Dongen is dat mensen in een stedelijke omgeving bomen heel belangrijk vinden, die worden hooggewaardeerd. En dan met name grote bomen, bomen die boven de nok van een standaardwoning uitkomen. Over kleine bomen zijn mensen ook positief, maar minder. Daarna komen bloemen, heggen, gras en verticaal groen.

Urban green
De voortgaande trek naar de steden leidt er toe dat volgens Van Dongen in 2050 zo’n twee derde van de wereldbevolking in steden woont. Steden hebben blijkbaar een sterke aantrekkingskracht en zijn tegelijk plekken die veel (mentale) druk op mensen leggen; gevaar, stank, herrie, eindeloze visuele indrukken en sociale druk zorgen voor stress. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat natuur stress kan verminderen doordat het helpt ontspannen. Natuur in de stad – urban green – kan dus veel goeds doen op de plek waar het ook hard nodig is, maar groen heeft in de stad weinig plek, zowel fysiek als budgettair.

Groenbeheer
Nederland kent volgens Van Dongen een lange traditie van groenstedelijk ontwerp, zowel qua stadsparken als straatgroen. Omdat uit wetenschappelijk onderzoek steeds duidelijker wordt dat groen in de stad naast een stressreducerend effect een relatie heeft met klimaatadaptatie en verkoeling, krijgt de implementatie van urban green in de straat en in de wijk steeds meer aandacht. Dat is wel een enorme opgave gezien de sterke stedelijke ontwikkeling, het onder druk staan van het beschikbare budget voor groenbeheer en het diffuse zicht op de economische baten van het groen in de stad.

Straatgroen
In zijn onderzoek ‘Optimizing the Urban Greenscape’ heeft Van Dongen zich beperkt tot straatgroen. ‘Straatgroen heeft wat de baten van groen betreft veel potentie; er is veel van en je komt het zodra je het huis verlaat vaak tegen. Onbewust kom je er veel mee in contact.’ Uit eigen ervaring weet Van Dongen dat het bewust opzoeken van groen in de stad, zoals bijvoorbeeld een park  niet bij iedereen vaak gebeurt. ‘Ik ben best wel een “groene” jongen. Ik woon in het centrum van Eindhoven, heb een klein tuintje, maar neem desondanks zelden de gelegenheid om een park in te gaan. De stap om natuur op te zoeken in een park is voor sommige stedelingen met mij, toch groot. Nu is bekend dat natuur goed is voor de mensen, dus ik vroeg mij af hoe we de natuur naar de stad kunnen brengen, bijvoorbeeld door de woonstraten te vergroenen. Ik heb me in het onderzoek vooral gericht op de psychologische aspecten van natuur zoals een betere concentratie en je meer ontspannen voelen.’

Virtuele omgeving
Doel van het onderzoek was te zoeken naar ontwerpende oplossingen op straatniveau om de ontspannende effecten van groen maximaal te faciliteren en daarnaast ook de vele andere voordelen van groen in de stad de ruimte te geven zoals verkoeling, verfraaiing en luchtzuivering. Voor het onderzoek heeft Van Dongen op basis van achttien verschillende natuurlijke elementen en ontwerpen, zoals rijen bomen, vlakken bloemen en gevelgroen, een virtuele omgeving gecreëerd van verschillende niet-bestaande, “saaie” straten. Daarin zijn 280 varianten aangebracht van stedelijk groen, zoals bomen, bloemen, heggen, gras en klimop. Van Dongen is bij het onderzoek uitgegaan van het perspectief van passanten en met name van voetgangers. Proefpersonen kregen een beeld van twee straten te zien en hun werd gevraagd welke straat de voorkeur heeft als je je voorstelt dat je naar huis loopt na een vermoeiende dag. Naast een keuze werd aan de respondenten gevraagd een beoordeling te geven van acht straatbeelden. In totaal deden bijna vijfduizend mensen uit Breda, ’s-Hertogenbosch, Tilburg en Eindhoven mee aan dit onderzoek.

Slim ontwerp
Uit het onderzoek blijkt onder meer dat een slim ontwerp rond bomen in een straat sterk kan bijdragen aan het welzijn van de stedeling. Het effect voor grote bomen is daarbij nog sterker. Een aantal respondenten bleek overigens ambivalent in hun voorkeur is. Bij de mogelijkheid om opmerkingen te plaatsen in de vragenlijsten liet zes procent van de respondenten weten een boom wel mooi te vinden, zolang die maar niet voor hun woning staat. Argumenten zijn onder meer bladval, scheve stoeptegels, minder lichtinval en luizenpoep. Die opmerkingen komen overeen met de resultaten van een kleiner onderzoek dat Van Dongen eerder deed en daar in 2015 een lezing over hield tijdens de Week van de Openbare Ruimte – Ruimte en Groen, getiteld Een boom in de straat is mooi, maar niet bij mij voor de deur!

Voorkeur
‘Daarnaast hebben we een kleiner onderzoek gehouden in een echte omgeving omdat we wilden weten of de resultaten uit het onderzoek met de virtuele straten ook geldig zijn in de echte wereld.’ Circa vijfhonderd Eindhovenaren – voldoende om daar een aantal conclusies uit te kunnen trekken, aldus Van Dongen – hebben op een satellietkaart van hun eigen woonomgeving, binnen een straal van één kilometer én in de gehele bebouwde kom van Eindhoven, een punt gemarkeerd van een groene plek die zij als ontspannend ervaren. ‘De uitkomsten uit het tweede onderzoek komen overeen met die van het eerste onderzoek in een virtuele omgeving.’ Ook uit het tweede onderzoek kwam een sterke voorkeur naar voren voor straten met veel en grote bomen,

In het huidige onderzoek heeft Van Dongen niet gekeken naar de soort bomen. ‘Uit andere onderzoeken blijkt dat loofbomen over het algemeen meer gewaardeerd worden dan naaldbomen. We hebben ook niet gekeken naar de vorm van de bomen, dus plat, breed, bolvormig. We zijn nog bezig met het interpreteren van de uitkomsten, maar het lijkt er wel op dat bijvoorbeeld leeftijd van de respondenten invloed heeft op de keuze.’ Uit de resultaten van het onderzoek blijkt ook dat de respondenten zeggenschap willen bij het gebruik van de materialen en dat zij onderhoud heel erg belangrijk vinden. Dat wil zeggen het opruimen van het gevallen blad, repareren van stoepen die door de wortels omhoogkomen en het opruimen van zwerfafval.

Aanbeveling
Als aanbeveling geeft Van Dongen in zijn te verschijnen onderzoeksrapport onder meer dat landschapsarchitecten zich meer moeten bemoeien met het ontwerp van de stedelijke omgeving en dat er meer ruimte moet komen voor met name bomen. Die ruimte maakt ook dat op lange termijn de eventuele overlast voor mensen kleiner blijft. Het advies aan professionals in de aanleg en het beheer van groen in de stad is om met zorg om te gaan met grote, oude bomen en zo mogelijk de omgeving aan te passen aan de boom in plaats van de boom aan de omgeving. Van Dongen: ‘Koester bestaande, oude bomen. Ontwerp er omheen en ontwikkel een visie hoe ze een mooi, integraal onderdeel kunnen zijn van de stad. Dan kunnen bomen op alle fronten optimaal bijdragen aan het welbevinden van de stedeling.’

Bron:
Vakblad Groen
Tekst:
Hans Bouwman
Foto:
Roel van Dijk

Dit jaar vindt de Nationale Groendag plaats op 14 november in Wageningen. Het thema van de dag is “Samen werken aan biodiversiteit”. Drie top sprekers lichten dit thema nader toe, ieder vanuit zijn eigen expertise. Wil je er bij zijn? Aanmelden kan via www.nationalegroendag.nl.

‘Een zeer actueel thema dat vaak een ondergesneeuwd item in het beleid en uitvoering bij gemeenten is. De urgentie van biodiversiteit ontbreekt simpelweg. Bij zware regenval, storm en droogte zie je direct wat de nadelige effecten zijn en welke kosten dit met zich meebrengt. Dat de afname van biodiversiteit ook economische gevolgen kent, is vanzelfsprekend maar lastig – in tegenstellig dus tot klimaatverandering – kwantificeerbaar te maken in euro’s. Op de Nationale Groendag brengen we het belang van biodiversiteit onder de aandacht’,  benadrukt Wout Veldstra, voorzitter van Stichting Steenbreek.

Louise Vet
Onafhankelijk voorzitter van het Deltaplan Biodiversiteit, Louise Vet, tevens ook directeur van het NIOO-KNAW, is de eerste gastspreker op de Nationale Groendag. Kern van het Deltaplan Biodiversiteit is dat alle grondgebruikers, zoals gemeenten, provincies, natuurbeheerders, boeren en particulieren gestimuleerd worden bij te dragen aan het herstel van de biodiversiteit. Dus samen werken om het natuurverlies om te buigen naar herstel. Ambitieuze doelstellingen zijn geformuleerd voor natuurgebieden, landbouwgebieden en de openbare ruimte.

De Nederlandsche Bank
De organisatie in Nederland die werkt aan een betrouwbaar financieel stelsel, is De Nederlandsche Bank (DNB), de onafhankelijke centrale bank. Risico’s voor de financiële instellingen in kaart brengen is een taak. Een van de dreigingen die DNB constateert is het biodiversiteitsverlies voor de financiële instellingen. Joris van Toor van De Nederlandsche Bank gaat daar in zijn keynote op in. Voorbeelden die worden aangehaald, zijn het verlies van de bestuiving en de afname van de weerbaarheid van ecosystemen, dat weer gevolgen heeft voor  de landbouw.

Adriaan Geuze
Landschapsarchitect en stedenbouwkundige Adriaan Geuze – directeur van West 8 en hoogleraar aan Wageningen Universiteit- sluit de ochtend van de Nationale Groendag  als derde keynote-spreker af met een inspirerend verhaal.

Steenbreektrofee
Een verder onderdeel van de Nationale Groendag is de uitreiking van de Steenbreektrofee 2019. Via deze link leest u meer over deze prijs.

Deelsessies
In het middaggedeelte vinden er diverse deelsessies plaats rondom het thema ‘Samen werken aan biodiversiteit’. Dit onderdeel van de dag wordt nog nader  ingevuld. Vanaf medio augustus wordt het hele programma gepresenteerd.

Partners
De Nationale Groendag wordt georganiseerd door Stichting Steenbreek en de gemeente Wageningen in samenwerking met provincie Gelderland en het waterschap Vallei en Veluwe.

Entree
Het evenement is gratis voor leden van Stichting Steenbreek, Groene organisaties uit Wageningen en medewerkers van de gemeente Wageningen. Een regulier ticket kost 50 euro en voor studenten 25 euro (ecxl. BTW).

Aanmelden
Ga naar www.nationalegroendag.nl

Ook deze zomer sneuvelden er weer weerrecords. De temperatuur kwam dit jaar voor het eerst boven de 40 graden uit. Door het opwarmend klimaat neemt de kans op lange zomers toe en het is volgens weer- en klimaatvrouw Margot Ribberink verstandig je daar op voor te bereiden. Hoe doe je dat?

Tijdens de kennismiddag ‘Hoe om te gaan met de droogte en piekbuien’ gaan we daar met een aantal experts nader op in, waarbij een drietal items centraal staan:

  • Veranderde klimaat
  • Belang van een goede bodem
  • Juiste assortiment planten

Sprekers
Margot Ribberink, weer en klimaatvrouw en ambassadeur van Steenbreek, zet uiteen wat de impact is van de droogte en hoe men zich daar op kan voorbereiden.
Harte Hartlief, directeur van Eco Consult, vertelt dat alles valt of staat bij een goede bodem. Tijdens overtollige neerslag kan de grootste opvang worden gerealiseerd in de bodem. Doordat de diversiteit van de gronden is afgenomen, bergen zij niet meer zo veel. Bodembiodiversiteit is dan ook een voorwaarde om water op te nemen en om het vast te houden. Het vochtleverend vermogen neemt zo toe wat van belang is tijdens droge perioden.
Margareth Hop, plantendeskundige, gaat in op de keus van beplanting die aangepast is aan het toekomstige klimaat. Tijdens haar lezing geeft ze praktische tips over droogtebestendig sortiment, ook in combinatie met tolerantie voor wateroverlast door piekbuien. Niet alleen bomen komen aan bod, maar ook heesters en vaste planten.

Excursie
Tijdens deze middag brengen we een bezoek aan het centrum van Amersfoort waar de boomadviseurs Henk Puijk en Arthur Wopereis van de gemeente Amersfoort toelichting geven op de realisatie van  basismaatregelen voor een gezonde groei en op de ontwikkeling van bomen door het optimaliseren van de groeiplaatsomstandigheden.  Dit vraagt om maatwerk bij de ontwikkeling of uitbreiding van nieuwe groeiplaatsen. Bomen die zich goed en gezond kunnen ontwikkelen, zijn immers beter in staat de klimaatveranderingen op te vangen.

Programma

  • 13.00 uur Welkom
  • 13.30 uur Margot Ribberink
  • 14.00 uur Harte Hartlief
  • 14.30 uur pauze
  • 14.45 uur Margareth Hop
  • 15.15 uur Excursie centrum Amersfoort
  • 16.30 uur Borrel en einde

Prijs:
150 euro. (Leden van Steenbreek en lezers van Vakblad Groen betalen 100 euro)

Aanmelden voor kennisbijeenkomst

Praktische informatie

Stichting Steenbreek en Vakblad Groen organiseren in september een tweedaagse studiereis naar de groene parel Brugge. Brugge is een voorbeeldstad op het gebied van groenbeleid voor Vlaamse, maar zeker ook voor Nederlandse gemeenten.

Brugge is een zeer bekende stad vanwege de historische binnenstad met een indrukwekkend bomenbestand. In tegenstelling tot veel andere gemeenten in Nederland en Vlaanderen kiest Brugge ervoor om de kennis en ervaring in huis te houden. Zo kent de gemeente een eigen groendienst en heeft zij diverse landschapsarchitecten in dienst om de kwaliteit van de publieke ruimte op een zo hoog mogelijk niveau te behouden.

Actuele items

Brugge werkt aan de actuele thema’s als klimaatadaptatie. Om goed bestand te zijn tegen de klimaatverandering zet Brugge in op meer groen in de stad. Zo heeft de stad tal van wadi’s om overtollig regenwater op te vangen. Ook de biodiversiteit is een belangrijk aandachtspunt.

Brugge was pionier in Vlaanderen toen eind jaren negentig overgestapt werd naar pesticidenvrij beheer van de openbare ruimte. Dat uit zich onder meer in doordachte beplantingsplannen, waar plantlagen elkaar opvolgen. De centrale begraafplaats is daar een voorbeeld van met een ongekende diversiteit aan planten.

De parken in en om de stad bieden een grote variëteit aan monumentale bomen in combinatie met bloeiende kruidenlagen en heesters. Waar eenjarigen het beeld domineren, is Brugge nu bezig met een transitie naar combinaties met vaste planten. Vaste planten zijn meer onderhoudsvriendelijk en leveren een grotere bijdrage aan de biodiversiteit.

De speerpunten tijdens deze excursie zijn de manier waarop groen de leef- en werkomgeving versterkt én wat de effecten daarvan zijn op klimaatadaptatie en biodiversiteit. Maar we kijken ook naar de conflicten die daardoor ontstaan in de historische binnenstad.

Praktische informatie

Datum: 17 en 18 september

Dag 1:

  • Aankomst met bus vanuit Nederland 12.00 uur.
  • Lunch tot 13.00 uur en daarna start programma.
  • Programma duurt tot 17.00 / 17.30 uur.

Dag 2:

  • Start programma 9.00 uur.
  • Lunch rond 13.00 uur, daarna programma tot 15.30 uur.
  • Om 15.30 uur met de bus of met eigen vervoer richting Nederland.

Programma

Naar het programma

Kosten

U kunt kiezen uit drie aanmeldingsmogelijkheden:

  1. Voor 650.- euro bieden wij u het vervoer (Nederland – Brugge), programma, sprekers, verblijfsruimten, 2x lunch en 1x diner.
  2. Voor 550.- euro bieden wij u het bovenstaande pakket zonder vervoer. U reist op eigen gelegenheid.
  3. Steenbreekdeelnemers en lezers van Vakblad Groen en Stedelijk Interieur krijgen 50,- euro korting.

Interesse / Aanmelden?

Gaat u mee? Meld u dan hier aan.
033 4794050
info@steenbreek.nl

Groene verbindingszones kent Nijmegen al meer dan 100 jaar. Het spoor dat tot diep in de stad liep was er een van. In deze ‘groene corridor’ groeien vanouds bijzondere en zeldzame planten zoals de ‘wilde averuit’. Het bevorderen van biodiversiteit is een belangrijk thema in de stad.

In de wijk Galgenveld liggen stadspark ‘Groene Perron’ aan de Oude Groenewoudseweg en even verderop het ‘Vlinderparkje’. Deze parken worden verbonden en fungeren als ecologische verbindingszone met andere parken en het omliggende groen.  Er wordt een ‘Groen Vlinderlint’ gerealiseerd met als doel een waar Bijen- en Vlinderparadijs te scheppen. De ambitie is dat in de toekomst alle stadsparken, stadstuinen worden verbonden door de aanleg van aan elkaar gekoppelde groene, bloemrijke randen. Bij de keus voor de planten en bloemen wordt rekening gehouden met de aantrekkelijkheid voor bijen en vlinders. Het tegengaan van de achteruitgang van insecten- en plantensoorten is het achterliggende doel.

Bron:
Greencity.nl
Foto:
Roel van Dijk

Als we tijdens het ontwerpen, bouwen, renoveren en beheren van gebouwen en wegen meer aan de natuur denken, kunnen we de leefbaarheid voor mensen, planten en dieren vergroten.

De provincie Overijssel vindt het dan ook belangrijk om natuurinclusief bouwen breed bij de diverse doelgroepen onder de aandacht te brengen. In de onderstaande vijf filmpjes vertellen mensen vanuit verschillend perspectief over de meerwaarde van natuurinclusief bouwen: bewoners, een projectontwikkelaar; een architect, een landschapsarchitect en mensen vanuit een gemeente.

Voor meer informatie, zie: www.natuurvoorelkaar.nl

Bewoners

Projectontwikkelaar

Architect

Landschapsarchitect

Mensen van de gemeente

Per 1 september treedt Bert Griffioen terug als directeur van Griffioen Wassenaar BV. Hij draagt het stokje over aan Stefan Verbunt. De vasteplantenkwekerij met vestigingen in Boskoop en Wassenaar is bijna honderd jaar geleden opgericht door de grootvader van Bert Griffioen.

Door gebrek aan interesse voor opvolging binnen de familie, is vorig jaar extern een kandidaat voor de directeursfunctie geselecteerd. Stefan Verbunt heeft het afgelopen jaar in de functie van adjunct directeur bewezen een waardig opvolger te zijn. De komende periode blijft Bert Griffioen verbonden aan het bedrijf in een adviserende functie.

Griffioen Wassenaar BV is partner van Stichting Steenbreek. Voor meer informatie zie: www.greentocolour.com

Links: Bert Griffioen, rechts: Stefan Verbunt